Aan Kajsa Ollongren

Sale / Solden 2022Sale / Solden 2022

Mevrouw Ollongren,

Dat u the gift that keeps on giving bent, is na die ‘Omtzigt: functie elders’-papieren wel algemeen bekend.

Maar ik had niet verwacht dat u op uw eerste dag als minister van Defensie in het Middelvingerkabinet al zou beginnen met blunderen.

Op de vraag van een journalist of u het verschil wist tussen een majoor en een sergeant, antwoordde u: “Ik heb een heel mooi boekje gekregen. Dat ben ik aan het bestuderen. Maar ik weet het nu nog niet.”

LOL.

Als u zelfs niet in staat bent geweest dat soort elementaire kennis tot u te nemen in de dagen voor uw beëdiging, kan het nog wat worden de komende tijd.

Ik zie helemaal voor me hoe het zal gaan als u (ongetwijfeld met een cameraploeg van de Staatsomroep in uw nek voor een ‘onafhankelijk gemaakte’ documentaire) een paar dagen op bezoek gaat bij militairen in het veld.

Om te voorkomen dat u dan constant voor lul staat, heb ik een klein woordenboekje voor u samengesteld.

‘Achteruit eten’ is kotsen. Als iemand een ‘BBO’ gaat doen, gaat-ie slapen (bestuderen binnenkant ogen). Een ‘berenlul’ is een slaapzak met tenthelft. Als een sergeant tegen u zegt dat-ie een ‘bibrozalo’ heeft, vraag dan vooral niet of hij ‘m wil laten zien (want: binnenbroekse zaadlozing). De ‘Blauwe SS’ (ook wel: de ‘Blauwe Khmer’) is de Marechaussee (en een KMar-militair een ‘glibber’).

Als er ‘dienstgeheim’ op het menu staat, schiet dan niet in de stress, want dat is stamppot. Die wordt trouwens gemaakt door ‘gifmengers’ (koks). En een ‘loempia’ is alleen eetbaar voor kannibalen, want daarmee wordt een onhandig of dom mens bedoeld. Roept er eentje over uw aanstelling ‘helapidaka’, dan is dat geen militaire juichkreet, maar bedoelt-ie ‘helaas pindakaas’. Wie aan het ‘kleurenschema’ gaat werken, verdient trouwens niet (NIET!) meteen een diversiteitsmedaille, want dat betekent: gaat in de zon liggen.

Vervelend wordt het als ze u een ‘nukubu’ noemen. Nutteloze kutburger. Dat doen ze bijvoorbeeld als u op de vraag of u ‘pinda’s’ wilt, antwoordt met: “Ja, lekker!” (want: pinda’s zijn patronen). Hoort u (zuiver hypothetisch natuurlijk) achter uw rug: “Wat een plork!”, dan bedoelen ze trouwens: prettig lichaam, ontzettende rot kop. Een beetje pijnlijk wordt het als ze u UPH gaan UPG’en (‘uit pure hufterigheid’ en ‘uit positie geluld’) en u een beetje dom gaat zitten meelachen.

Zegt er eentje dat u een keer een goeie ‘douw’ moet krijgen, loop dan niet meteen naar een commissie die zich bezighoudt met seksuele intimidatie, want dan bedoelen ze: straf.

Ik heb ook nog een waarschuwing voor u.

Uw hoofdtaak is natuurlijk het integreren van de Nederlandse Krijgsmacht in één Europees leger. Maar ik sluit niet uit dat u er (heel woke) ook een inclusie- en diversiteitsagenda doorheen wilt rammen in die paar jaar (liever schreef ik: maanden) dat u minister van Defensie bent.

Dat kan bij militairen gevoelig liggen.

Want er zijn nogal wat woorden die ze dan niet meer mogen gebruiken.

Landen met een tropisch klimaat heten in het leger ‘apelanden’. Een Indische maaltijd ‘blauwe hap’. Kutklussen gaan naar de ‘Chinese vrijwilliger’. Een foerier noemen ze geen ‘bevoorrader’, maar een ‘foef’. Een slaapzak een ‘gecamoufleerde rukbunker’. Een hondengeleider is een ‘hondenneuker’.

Een vrouwelijke kapitein wordt een ‘kapiteuse’ genoemd en een vrouwelijke majoor een ‘majorette’. En zo’n opvouwbaar drinkmokje heet geen opvouwbaar drinkmokje, maar een ‘klapkut’. Iemand die tijdens een opdracht uit zijn/haar neus zit te eten, is aan het ‘kontvingeren’.

Douchen heet ‘kutsoppen’. Een microfoon ‘lulijzer’. En hadden we de ‘rotota’ al gehad? Ronnie Tober-tasje. Net zo stigmatiserend als ‘verbanddoos’, voor een vrouwelijke militair van de verbindingsdienst.

Sale / Solden 2022Sale / Solden 2022

Jonge vrouwen heten in het leger trouwens ‘Miep’. Gewillige vrouwen met een voorkeur voor militairen: ‘NATO-matras’. En vrouwelijke militairen die zich omhoog hebben geuweetweld ‘officiersmatras’. Verder hebben we nog de ‘PINO’, een potentieel interessant neukbaar object. Vaak (in postervorm) te vinden aan de ‘pornolat’, de plek waar u geen verkiezingsposter met Sigrid Kaag zult aantreffen.

Nou ja, en dit dan factor tien.

Want het leger is qua woke bepaald nog niet het gemeentehuis van Amsterdam.

En dan ga ik er gemakshalve maar van uit dat ik u de betekenis van wat meer algemene termen als ‘ODOL’ en ‘palen’ niet hoef uit te leggen, want anders wordt het een kansloos verhaal voor u op Defensie.

Oók op Defensie.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje. Al vrees ik dat het éigenlijk al te laat is. Daarom meteen een extra cadeautje.

Aan Pieter Omtzigt

Beste Pieter,

Ik dacht gisteren: ja hoor, daar gáán we weer.

Iemand die niks van financiën weet (behalve het bankrekeningnummer van Palestijnse organisaties) als minister van Financiën.

Iemand die niks van buitenlandse zaken weet (behalve dat je kunt investeren op de Maagdeneilanden en skiën in Oostenrijk) als minister van Buitenlandse Zaken.

Iemand zónder rechten-opleiding, maar mét grote smoel (“Keihard aanpakken dat tuig!”) als minister van Justitie.

En toen moest het nieuws over de dubbelpaspoorter en democratiehater op Defensie nog uitlekken.

Als dát nou die ‘nieuwe bestuurscultuur’ is…

Ik zie het eerder als het ultieme Middelvingerkabinet.

En ik had meteen geen zin meer om in 2022 wéér elke dag in alle vroegte achter die laptop te kruipen om als een mistroostig muisje vanuit Eesterga tegen een ongelikte olifant te trappen..

Maar met die gedachte wil ik 2021 niet uitgaan.

Ik wil 2022 ingaan met een positief gevoel.

Met hoop op betere tijden.

Niet zozeer voor mezelf, want ik ben een oude man die het dankzij donateurs en provisie van die dikke papzak goed heeft.

Wel voor onze ouderen, voor onze kinderen en voor de gezinnen die kapot gemaakt zijn, kapot gemaakt worden en kapot gemaakt zullen worden door de Rutte-doctrine.

Daarom meld ik me bij jou.

Dit kabinet zit er, als het een beetje opschiet met een van die drie parlementaire enquetes óf professioneel meloenenslikker Gert-Jan Segers toch een geweten blijkt te hebben, korter dan de formatie duurde.

Dus zeg ik: maak z.s.m. bekend dat je met een eigen partij komt.

Zet je echtgenote, Ayfer Koç, op 2.

Zet Mona Keijzer, die integriteit tóch belangrijker vond dan een carrière, op 3.

Dan heb je meteen de gezichten voor op de verkiezingsposters.

Ga gedrieën op zoek naar deskundige kandidaten die jullie écht vertrouwen voor de rest van de lijst, óók in de huidige Tweede Kamer.

Gooi de brieven en berichten van iederéén die zichzelf bij jullie meldt ongezien in de prullenbak.

En laat anderen, die daar weer beter in zijn, een organisatie opbouwen.

Jij moet het doen, Pieter.

Jij bent zeker geen heilige en liet je te lang piepelen door je partij.

Maar volgens mij wel de hoop van héél veel Nederlanders.

Misschien wel de laatste hoop.

Groet,

JanD

PS. Cadeau! Voor in het huis dat Ayfer en jij dan samen in Den Haag kunnen betrekken.

UPDATE Helaas, Mona kiest voor een CDA-carrière: