Aan de politieke elite (2)

Sale Januari 2019

Beste politici,

Daar is ze weer.

Op 4 januari plaatste ik een stuk dat Lidnr. #66 had geschreven over haar motivatie om elke zaterdag vele tientallen kilometers naar Rotterdam te reizen om in een geel hesje de Erasmusbrug over te lopen.

Natuurlijk waren er weer een paar kneusjes die suggereerden dat ik die tekst had geschreven. Want ze schreef in mijn stijl. En ze was gemotiveerd door dezelfde thema’s als ik (Groot Europeesche Rijk, inperking van de vrijheid van meningsuiting, de Klimaatakkoordkolder, de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen). En er waren linkjes naar Bol.com, net als ik dat altijd deed. En dit. En dat. En zus. En zo.

Afgelopen zaterdag was ze weer op de Erasmusbrug, Lidnr. #66 (van The Post Offline dus – en ja, ik heb haar een ander lidnummer aangeboden toen ik me realiseerde dat ‘66’ in kringen van The Post Offline net zoiets is als rij 13 in een vliegtuig). Hoewel ze uit angst voor werkgeversgedoe anoniem wil blijven, maakte ze aan een aantal mensen bekend dat zij Lidnr. #66 en dus de schrijfster was. Maar dat boeit de kneusjes die de Gele Hesjes-beweging (of mij persoonlijk) geen warm hart toedragen niet. Als ze maar weer hun gif kunnen verspreiden.

Zoals anderen maar al te graag suggereren dat die keurige, brave bezorgde burgers die wekelijks onder aanvoering van organisator Marco de Haas zingend de Erasmusbrug over lopen ook maar íets te maken hebben met ‘gele hesjes’ die slechts willen knokken met de politie of die wel ‘Rutte Rot Op!’ en nog veel meer ‘eisen’ willen uitschreeuwen, maar die niet gaan stemmen op 20 maart “omdat dat toch geen zin heeft” of “omdat er toch gefraudeerd wordt bij het tellen” of “omdat ze dan het systeem legitimeren”.

Enfin, Lidnr. #66 heeft na haar ‘coming out’ op de Erasmusbrug aan een aantal andere deelnemers weer een stuk geschreven. En dat plaats ik weer integraal.

“Ik heb veel hartverwarmende reacties gekregen op mijn brief aangehecht aan het ‘Briefje van Jan’. Vaak heb je het gevoel dat je alleen staat in je overtuiging dat de beslissende druppel allang over de emmer is gegaan. Dat we natte voeten hebben en dat het te ongemakkelijk wordt om het te negeren. Nu weet ik dat ik niet alleen sta.

Mijn brief was geen nepnieuws, mevrouw Ollongren. Twitter herbergt schoften, mensen die door de ratten besnuffeld zijn. Twitter kan ook aanvoelen als een warme douche. Dat was op de dag dat mijn brief door Jan aan ‘Briefje van Jan’ werd gehecht. Ik voelde me vereerd, erkend, blij, heb menig traantje gelaten. Ik ben immers ook maar een mens met een mening. En er zullen ook vast op andere media lieve steunbetuigingen hebben gestaan. Dank jullie wel allemaal!

Ik heb mijn meegenomen bloemen afgelopen zaterdag aan Ebru gegeven. Niet alleen omdat ze ook mooie woorden op Twitter had naar aanleiding van mijn brief. Maar vooral omdat zij de dreiging en onderdrukking van een politiek systeem aan den lijve heeft ondervonden toen ze vastzat in Turkije. Toen ze weggetreiterd werd uit ‘die lieve stad’ door enkele mensen die haar de vrijheid niet gunnen om te zeggen wat ze wil. Die zelf wel de vrijheid pakken om met vlaggen de Erasmusbrug op te gaan om hun vaderlandsliefde (aan Turkije) te scanderen.

Ik gun iedereen zijn vrijheid van meningsuiting. Het is soms ongemakkelijk om aan te horen, maar het moet. Zeker nu. Zolang het maar vreedzaam blijft en iedereen de gelegenheid mag pakken om de brug op te gaan en te laten zien dat ze er ook mogen zijn. Wij schreeuwen niet. We hangen geen spandoeken aan de brug, of versperren het verkeer. We zingen, we praten met elkaar. Ebru ging deze keer voorop.

Iemand jogde op de brug voorbij met een Feyenoordsjaal om. Ik kreeg een flashback. Toen Feyenoord kampioen werd, stonden we op het Stadhuisplein. Als je de beelden van die mensenmassa bekijkt, zouden die politieke partijen die bijna alleen uit blanken bestaan (en tegelijkertijd wel diversiteit promoten) hun vingers er bij aflikken. We vielen elkaar om de hals, ook al kenden we elkaar niet. We keken niet naar kleur, afkomst, gender, op wie deze mensen stemden. We liepen polonaise over het plein. Daarna sprongen we zingend hand in hand het fontein in en haalden met plezier een paar natte voeten.

Ik gun elke Nederlander elke dag een kampioenschap van zijn club. Dan voelen we ons (ja ik ga het toch zeggen, ook al kan ik het niet meer horen als het door mensen wordt uitgesproken die zichzelf heel erg vinden deugen en het anderen verwijten dat het aan hen ligt dat er geen verbinding is) met elkaar verbonden. Dan springen we uit de hokjes, waarin we vaak door anderen zijn ingedeeld, en voelen ons vrij met elkaar en onder elkaar.

De essentie is dat we één volk zijn dat uit elkaar gedreven wordt door Social Justice Warriors, politieke partijen, onze regering en door Europese machthebbers die er baat bij hebben. De overgrote meerderheid van de Nederlanders willen hun bijdrage leveren aan de maatschappij. Door betaald en onbetaald te werken, liefde te geven aan hun naasten, door netjes hun boetes en belastingen te betalen.

De reden waarom het nu de verkeerde kant dreigt uit te gaan is dat 2019 1984 lijkt te zijn geworden. ‘Verkeerde’ meningen worden niet meer getolereerd. Moeten het zwijgen worden opgelegd. Moeten worden bestraft door het ineens als ‘hate speech’ te benoemen. Door de bekrachtiging van het Marrakeshpact kunnen MSM worden verplicht om alleen maar positief te berichten over immigranten. Vanuit de MSM is het verrassend stil over deze dwingend opgelegde ‘richtlijnen’. Ook de belangenverenigingen van journalisten hullen zich in stilzwijgen. Why?

Ik kwam via Google terecht op de website van de NVJ. Ik begon te lezen. Daar staat onder het kopje Persvrijheidsfonds: ‘De stichting heeft tot doel juridische procedures met een principieel karakter, die het de journalistieke beroepsgroep mogelijk maken om in zoveel mogelijk vrijheid haar werk te kunnen doen, te beginnen en te ondersteunen’. Mooi toch? Er onder staat een link. De link is dood… Ik hoop dat het een technische storing betreft.

Iemand noemde ons zure, seniele incontinente mensen die, geholpen door een rollator, de brug op gaan. We worden ook wel ‘tokkies’, ‘PVV’ers’ en ‘witte boze mensen’ genoemd.  Het is duidelijk dat die persoon zich nog nooit heeft verdiept in de mensen die er lopen. Nooit aanwezig is geweest. Toegegeven, het is een vast groepje, maar wat is daar mis mee? Afgelopen zaterdag zag ik nieuwe gezichten, meer jongeren sluiten zich aan.

Voor mij is het lopen een verademing. Ik luister naar de verhalen van de mensen. Het zijn mensen, soms met zorgvuldig gekozen woorden, soms ook met spontane mooie verhalen. Ik liep naast iemand die Pim nog heeft gekend en over hem vertelde, over zijn liefde voor Jaguars. Ik liep naast een gepensioneerde fotograaf van Het Vrije Volk. Ik liep naast een mevrouw uit Delft die voor het eerst meeliep. Haar man had haar aangespoord om mee te gaan. ‘Ik kan in de auto blijven wachten, maar ik kan net zo goed meelopen’. Ze wees naar haar man die in een geel hesje voor haar liep en druk in gesprek was met medelopers. ‘Hij kan zijn ei eindelijk aan iemand kwijt’, verzuchtte ze. En even daarna: ‘O, ik zie het al hoor. Volgende week wil hij weer.’ Ik liep naast iemand die lid is van een politieke partij en bewust zijn partijspeldje niet draagt. ‘Ik ben nu even niet van een partij, ik ben één van de mensen van de gele hesjes’.

Als ik naar die mensen luister is het moeilijk om tegelijkertijd het lied ‘15 miljoen mensen’ mee te zingen. Maar onder de brug zingen we allemaal. Na afloop wordt de politie bedankt voor de begeleiding met een applaus. Zo hoort dat. De politie ligt onder vuur. Door eencelligen die menen hun het leven zuur te moeten maken als ze levensreddend bezig zijn. Door politici die het onnodig vinden om hen te belonen met een fatsoenlijk loon. En we bedanken elkaar en zeggen als vanzelfsprekend: ‘Tot volgende week’. Sommigen verexcuseren zich. ‘Ik kan er volgende week niet bij zijn. Ik baal er ook van. Maar ik denk aan jullie. De week erop zie je me weer. Zeker weten’.

Ik roep hierbij de mensen op die elke week met ons meelopen om iemand over te halen om ook mee te wandelen. Wij hebben laten zien dat we nette burgers zijn. Dat we er alles aan doen om ons aan de regels te houden.

Ik weet dat er veel mensen zijn die in gedachten met ons meelopen, die ons vele harten onder de riem steken op Facebook en Twitter. Die vast en zeker redenen denken te hebben om voorlopig nog even thuis te blijven. Ik roep al die mensen op om zich massaal bij ons aan te sluiten. Mee te lopen. Over de brug. Vreedzaam. Zingend. Pratend. Om met elkaar de vrijheid van meningsuiting te vieren. In een geel hesje. Omdat het kan. Omdat het moet.

Dit is mijn tweede en meteen laatste brief. Ik ben niet belangrijker dan iemand anders die daar loopt. Ik heb mijn kop even boven het maaiveld uitgestoken. Omdat ik vond dat iemand in een geel hesje even een gezicht moest krijgen. Om de andere lopers te eren. En de mensen die zich bij ons aan gaan sluiten. Ik duik weer onder in de lopers, in een geel hesje. Tot zaterdag.

Ik groet U.”

Wéér raakte Lidnr. #66 de kern.

Zaterdag is ze er weer.

Ik ook.

Ik mag organisator Marco de Haas, die om prettige redenen een weekend door zijn vrouw wordt ontvoerd, een keertje vervangen.  Dat kan nog net, want vanaf 13 januari duik ik een tijdje onder. “Hij durft het je niet te vragen, Jan”, zei zijn vrouw. “Hij voelt zich verplicht om de taak die hij op zich heeft genomen elke zaterdag uit te voeren.”

Marco de Haas heeft zijn hart op dezelfde plaats zitten als Lidnr. #66.

En als al die anderen die al ruim een maand elke zaterdag om 11.30 uur vanaf het Willemsplein de Erasmusbrug op draaien.

Om verbonden te zijn met soortgenoten. Doodnormale, keurige bezorgde burgers, waarvan zeker 95 procent niet op jullie, de politici van VVD, D66, CDA, GroenLinks, PvdA en ChristenUnie, gaat stemmen.

Niet meer.

Want ze hebben het bijna allemaal meestal wél gedaan… (vooral op PvdA, VVD en D66 trouwens).

Toen ze jullie nog vertrouwden.

Ze hebben geen spandoeken nodig. Ze willen niet woest schreeuwend (of erger) met hun snufferd op de voorpagina van de Telegraaf. Ze zien de politiemensen, die evengoed slachtoffer zijn van jullie desastreuze beleid, niet als vijanden.

Ze wandelen.

Ze zingen een lied.

Ze praten.

Ze voelen zich niet alleen.

En ze rekenen op 20 maart met jullie af!

Groet,

JanD

 

Aan de politieke elite

Sale Januari 2019

Beste politici,

Ik weet dat de meeste van jullie alleen zenden.

Toch vraag ik jullie om één keer te ontvangen.

En dan écht.

Ik kreeg afgelopen zaterdag voor de gele hesjes-demonstratie in Rotterdam van een keurige mevrouw die net iets ouder was dan ik een envelop in handen gedrukt met ‘een bijdrage voor de strijd’. Er zat een tekst bij. Met haar toestemming publiceer ik die.

“Waarom ik elke zaterdag in geel hesje over de Erasmusbrug zal lopen tot het niet meer nodig is of het verboden wordt.

Mijn moeder was bang. Ze verstopte, ver weg onderin haar kledingkast, pakken koffiebonen en thee. Voor als er weer oorlog kwam. Begrijpelijk, ze had de oorlog aan den lijve ondervonden. ’s Avonds, maar vaak ook overdag, sloot ze de gordijnen. Het zonlicht, maar ook de boze buitenwereld, kreeg niet de kans om naar binnen te komen. Zo was ze. Ik begreep het als kind alleen nog niet zo goed.

Nu ben ik voor het eerst in mijn leven ook bang. Niet voor ziekte en dood, die overkomen je. Deze vijanden kun je van verre zien aankomen. En als ze opeens, toch onaangekondigd, voor je deur staan, moet je ze binnenlaten als een ongenode gast.

Ik heb de oorlog dus niet meegemaakt, maar door levenservaring herken ik een vijand van verre. De vijand kan zich vermommen in een lachende premier die zijn land verkwanselt om naar een hoge functie in de Europese Unie te vertrekken, in een Kasja Ollongren die nepnieuws als haar grootste vijand ziet, in een Timmermans die ooit een onschuldig PvdA’ertje was en nu samen zijn bondgenoten (Juncker in een rolstoel, anders valt hij om) over een rode loper marcheert naar een Groot Europeesch Rijk.

Deze vijanden zijn al onder ons. Sterker nog: deze vijanden hebben zich in onze huiskamers, nog net niet in onze hoofden, genesteld waar we nog vrij zijn om te denken wat we willen. Nog wel. De gordijnen dichtdoen helpt niet meer, de boze buitenwereld is al binnen. De Googles kijken al mee, de Sleepwetmensen slepen zich een ongeluk om onwelgevallige meningen op te dreggen en onze werkgevers kijken mee op de socials wat we posten.

Het helpt niet meer als je geen strafblad hebt, je kinderen netjes opvoedt en elke dag je werk goed doet. Je kan mantelzorg verlenen tot je er bij neervalt. Vrijwilligerswerk doen tot je scheel ziet. Als je anders denkt, dan je wordt geacht, ben je verdacht. Vrijheid van meningsvorming is er nog, in je hoofd. Maar hardop zeggen wat je denkt, leidt bij anderen tot beschimpingen zoals ‘islamofoob’ (vul het rijtje zelf maar aan).

Ik ben bang voor de zeer nabije toekomst. Ik zie de tanks met Europese vignetten de straten van Parijs binnenrollen om de mensen met de gele hesjes weg te vagen. Mijn vrienden en kennissen zeggen dat ik ben geradicaliseerd (alleen omdat ik wakker ben geworden en kritisch ben geworden op elk geluid dat vanuit MSM komt en ik sinds kort in een geel hesje over de Erasmusbrug loop). Ik wacht nu op het moment dat Ollongren een meldpunt opent waar je de onwelgevallige meningen van mensen kunt aangeven. Dan wordt zwijgen goud.

We zijn het er allemaal over eens op de Erasmusbrug: het is nu of nooit

Nee, ik ben niet bang voor mezelf. Voor het eerst in 60 jaar demonstreer ik, loop ik schuchter met een geel vestje achteraan op de Erasmusbrug, samen met mensen die ook schuchter lopen, bang zijn om hun baan te verliezen als ze worden herkend op de MSM. We zijn het er allemaal over eens op de Erasmusbrug: het is nu of nooit. Als we nu niet gaan lopen, hoeven we nooit meer te gaan lopen.

Ik ben bang voor de huidige generatie en de generaties die daarna komen. We zijn beland in het 1984 van Orwell. 1+1= nu 3. De mening van ‘Het Volk’ is bedreigend. Bedreigend omdat ze het Pact van Marrakesh en de Klimaatwet voorzien van zeer kritische kanttekeningen. Waarom? Omdat deze niet in een referendum zijn aangeboden (klopt, referendum is geëuthanaseerd) en deze zaken niet in de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen hebben gestaan. Bovendien hebben ze zo’n grote impact op de huidige en komende generaties dat Het Volk er wel iets over te zeggen moet hebben.

Kritische mensen zijn een pain in the ass voor de huidige machthebbers.

Deze kritische mensen doen misschien af en toe wel de gordijnen dicht, maar laten zich ook steeds zien. Een keer per week op de Erasmusbrug. Zonder vlaggen, indoctrinatie, spandoeken en geschreeuw. Wel met gezang. De laatste keer was de pers er niet meer bij. Tja, er zijn geen rellen en er zijn geen tegendemonstraties.

Ik werd, lopend over de Erasmusbrug, geïnterviewd door een mevrouw van het AD/Rotterdams Dagblad en een mevrouw van de Volkskrant. Als ik me goed herinner werden we in een kop in de Volkskrant ‘witte boze mensen’ genoemd. Ik liep naast een lange Antilliaan. Hij zei niet veel. Hij woonde op Zuid. In dezelfde buurt waar ik ooit ook woonde. Ik vroeg hem tijdens het lopen waarom hij daar was. Hij was kort van stof: ‘Ik ben bang voor wat er komen gaat’. Na afloop was hij ineens verdwenen. Ik had hem een hand willen geven, als dank voor zijn aanwezigheid.

De Ruttes, de Ollongrens, de Timmermansen, ze zijn bang voor wat er komen gaat. Ik en de mensen op de Erasmusbrug ook. We zitten alleen op een verschillende golflengte. We hebben ook nog verschillende radio’s. De kloof tussen de elite en de gewone mensen is zo beangstigend helder op dit moment in de geschiedenis. Het komt allemaal samen op die zaterdagen in Rotterdam. De stad waar ik heb gewoond, gewerkt, lief heb gehad en vaak naar de Maas ben gelopen. De stad van Fortuyn, van mijn Feyenoord, van hard werken en duidelijke taal (niet lullen maar poetsen). De stad van havenarbeiders en de watertaxi’s die vroeg in de ochtend die arbeiders bij de diverse havenonderdelen afleveren. De stad die zonder morren werd opgebouwd na het grote bombardement.

Door dezelfde mensen die nu gekort worden op thuiszorg en zich blauw betalen aan de zorgkosten. De mensen die straks letterlijk in de kou komen te staan omdat de energierekening niet meer op te brengen is. De eerste dode door de Klimaatwet zal snel werkelijkheid zijn. Gaat Klaver dan zijn papadag opofferen om bij de begrafenis te zijn?

Als ik ben gecremeerd, word ik uitgestrooid onder de Erasmusbrug. De plek die elke zaterdag staat voor geweldloos verzet. De plek waar een agent zei (toen ik hem na de loop over de Erasmusbrug bloemen aanbood en hij die moest weigeren omdat hij in functie was): ‘We staan achter jullie’.

Dat is de plek waar ik een half uur per week even niet meer bang ben. Even kan lopen en praten met mensen die ook bezorgd zijn en boos en bang voor de toekomst van Nederland en Europa. Het is het enige dat we kunnen doen, behalve onze stem in het stemhokje te laten horen (‘Stem Ze Weg!’). Wij blijven netjes. Wij wel.

Lidnr. #66” *

Ik weet dat die mevrouw voor jullie slechts één potentiële stem bij de verkiezingen is – en verder een leeg te trekken kassa.

Voor mij is ze de reden waarom vorig jaar The Post Offline moest worden opgericht en waarom wij de aanzet gaven tot de wekelijkse onorthodoxe (want ogenschijnlijk zoetsappige) gele hesjes-demonstratie op de Erasmusbrug in Rotterdam.

Jullie luisteren niet.

Gelukkig hoeven we niet te schreeuwen en te knokken met de politie om te zorgen dat jullie ons toch horen.

Op 20 maart en 23 mei zijn wij namelijk aan het woord.

Dan rekenen mensen zoals Lidnr. #66 en ik met jullie af.

Tot die tijd wandelen we met gelijkgestemden over die brug.

Morgen weer.

Kom eens luisteren.

Er overkomt je niks.

Bezorgde burgers zijn niet eng.

Het zijn mensen.

Zij wel 😉

Groet,

JanD

* Naam en adres uiteraard bij redactie bekend.