Aan de Nederlandse boeren

(c) Jan Dijkgraaf
Tuin

Beste boeren,

Ik hoop dat jullie morgen met véél meer mensen naar Den Haag trekken om te protesteren tegen de sanering die er voor jullie sector aankomt dan de autoriteiten op dit moment verwachten.

Ik geloof dat burgemeester Krikke maximaal vijf tractoren op het Malieveld wil toestaan, zodat het in de beeldvorming allemaal wel meevalt met jullie boosheid en bezorgdheid. Maar als jullie maar met voldoende veewagens, tractoren en aanhangers op verschillende tijden via verschillende aanvoerwegen naar de Haagse binnenstad rijden, is er voor de politie geen houden meer aan.

En ja, ik weet dat jullie op dit moment alleen (vaste) mest mogen uitrijden op bouwland, maar weten jullie veel dat dat Malieveld geen woonbestemming heeft? Alles in die binnenstad is volgebouwd en een park kun je die lap grond ook moeilijk noemen, toch?

Waarom deze oproep om Den Haag plat te leggen en te laten ruiken naar de plekken waar met liefde voor het vak en de dieren de groenten, de melkproducten en het vlees worden geproduceerd door hardwerkende ondernemers?

Omdat ik het zat ben dat boeren worden behandeld als criminelen.

Niet alleen door politici, maar ook door de media.

Kennen jullie Jean-Pierre Geelen van de Volkskrant?

Die schrijft vandaag in een column aan jullie dat jullie moeten stoppen met wijzen naar anderen.

Ik citeer: “Maatregelen zijn onvermijdelijk, ze raken ieder. Ook daarom moeten we af van jij-bakken. Het verlammende ‘maar de ander’: ‘Laat Rutte eerst z’n vrindjes van de industrie aanpakken.’ Of: ‘Wanneer Schiphol wordt ingeperkt, kom je aan de heilige vakantie en schreeuwt iedereen moord en brand.’ Of: ‘Telkens weer mag de stad haar eisen opleggen aan het land. De stad zelf is één groot stinkend verontreinigd astmatisch gebied, maar ja, dat maakt niet uit, want daar heb je geen Natura 2000.’ Zo heeft ieder een ander om achter te kruipen en komen we nooit uit deze shit. Beste boze boeren: voor je met stront gaat gooien, kijk eerst nog even in je eigen emmer.”

Op zich mag zo’n gast uit de Haagse Schilderswijk die schrijft voor een Amsterdamse krant natuurlijk vinden dat júllie zijn shit moeten oplossen.

Maar Jean-Pierre Geelen is niet zomaar een columnist van één van de grotere Nederlandse kranten.

Hij is ook een dierenactivist.

Een criminéle dierenactivist.

Bol 10-Daagse

Dat verzin ik niet, dat schreef hij zelf op 3 juni 2016 in dezelfde Volkskrant.

Ik citeer weer: “Moordlust is ook mij niet vreemd. De misdaad is juridisch verjaard, dus ik kan hem bekennen: als radicale puber zaagde ik in het Sauerland de hoogste sporten van ladders op jagershutten voor driekwart door. ‘Een eerlijke strijd.’ De ongelukkige jager die neer zou storten, hoefde van mij niet meteen dood. Maar een béétje ongelukkige val mocht best.”

Na die ‘verzetsdaden’ rende het bleekneusje uit de stad ongetwijfeld heel hard weg, dus we weten niet hoeveel doden en zwaargewonden Jean-Pierre Geelen van de Volkskrant uiteindelijk op zijn geweten heeft.

Jean-Pierre Geelen van de Volkskrant is eigenlijk een soort Volkert van der Graaf.

En zo iemand mag jullie dan ten overstaan van enkele honderdduizenden Nederlanders vertellen dat jullie niet zo moeten zeiken. En je moet niet gek opkijken als de staatsomroep hem vandaag of morgen ook nog een podium geeft.

Daarom zeg ik: morgen is misschien wel jullie enige kans om te voorkomen dat jullie sector wordt geslachtofferd.

Grijp ‘m.

Toon de Jean-Pierre Geelens van dit land jullie middelvingers.

Ik bedoel: laat ze een poepie ruiken!

Groet,

JanD

Het dagelijkse ‘Briefje van Jan’ wordt mede mogelijk gemaakt door vaste maandelijkse donaties (via Back me) en door incidentele giften (via Bunq me).