Aan Ronald Plasterk

Meneer Plasterk,

Zat ik net een beetje na te genieten van Feyenoords plaatsing voor de finale van een Europees toernooi, las ik uw column in De Telegraaf over het Groot-Europeesche Rijk.

De aanleiding was het plan van die volksmenner Guy Verhofstadt (die altijd ook namens ‘onze’ VVD en D66 spreekt schreeuwt, dat vergeet ik niet) om de ever closer union verder te closen.

Europese belastingen.

Europees leger.

Macht van de regeringsleiders in de Europese Raad overhevelen naar de Europese Commissie en het Europees Parlement.

En, om het laatste stukje soevereiniteit van de lidstaten definitief de nek om te draaien: afschaffing van het vetorecht van de individuele landen.

U trekt uit die plannenmakerij de conclusie dat “Guy Verhofstadt bezig is de Europese Unie kapot te maken”.

Ik ben minder optimistisch.

In de huidige situatie gedráágt de Europese Commissie zich al als de baas van het Groot Europeesch Rijk.

In die door Verhofstadt (en door Rutte, Kaag, Hoekstra en de rest van de heulersbende in Den Haag) gewenste situatie ís de Europese Commissie de baas van het Groot Europeesch Rijk.

Waarbij, door afschaffing van het vetorecht, géén rekening meer hoeft te worden gehouden met individuele lidstaten.

Er zit slechts één verdrag tussen de huidige en de nieuwe situatie.

Dat er -goddank- pas kan komen als alle 27 lidstaten er hun krabbel onder zetten, omdat dat vetorecht er nog voor geldt.

Zo doet zich de merkwaardige situatie voor dat Nederlanders die zich verzetten tegen dat oude plannetje van Adolf Hitler hun hoop moeten vestigen op een ‘ik verbied’ van de Hongaarse premier Viktor Orbán of één van de andere voormalige Oostblokkers.

Anders wordt Frans Timmermans misschien wel de eerste president van de Verenigde Staten van Europa.

Over volksmenners gesproken.

Ik weet nog goed hoe hij zieltjes probeerde te winnen om die dronkenlap uit Luxemburg op te volgen.

Met teksten als: “In tijden van politieke en maatschappelijke aardschokken zoals nu, staat de mens voor de keuze: hemel of hel. Ik wil later niet met mijn mond vol tanden staan, als mijn zoon of dochter vraagt: hé pa, wat heb jij gedaan om te voorkomen dat het misging?”

En: “Ik wil voor mezelf, mijn gezin én voor mijn land niet achteraf het gevoel hebben: ik heb er niet alles aan gedaan.”

En: “Een oorlog verliezen zonder gevochten te hebben, wil ik nooit meer meemaken.”

En zo ging die morbide obees maar door.

Ik vraag me altijd af waar die hang naar de macht en dat volstrekte gebrek aan respect voor bezorgde burgers die wél van hun land houden, maar niet van een opgelegde superstaat als de EU, toch vandaan komt.

Timmermans is een verwend diplomatenkind dat nog geen dag in zijn leven heeft gewerkt in een bedrijf dat afhankelijk is van de gunst van de klant.

Dat verklaart veel.

Als je je leven lang werkt voor organisaties die het geld van de ‘klant’ in de vorm van belasting gewoon op straffe van gevangenisstraf kunnen opeisen, heb je niet geleerd dat jij er voor de klant (lees: burger) bent in plaats van de klant voor jou.

En altijd dat gekoketteer met zijn zogenaamde arbeidersachtergrond…

Hij gooit ons dood met opa van moederskant, Cor Heijnis, die als kompel in de kolenmijnen werkte zou hebben gewerkt.

“Opa Cor spoorde mij aan mijn talenten te ontwikkelen, leerde me vastberadenheid te combineren met mildheid jegens anderen, sociale rechtvaardigheid te beschermen met strengheid tegen klaplopers.”

Nergens was te vinden of de in 1961 geboren en grotendeels in het buitenland opgegroeide diplomatenzoon Frans Timmermans ‘Opa Cor’ eigenlijk wel levend heeft méégemaakt.

Of hij die ‘levenslessen van Opa Cor’ niet gewoon achteraf verzonnen heeft.

Omdat die opa zijn enige linkje naar de (voormalige) aanhang van de Partij van de Arbeid is.

Ik heb de stamboom van de familie Timmermans nergens kunnen vinden.

Maar ik kwam wel iets anders over hem tegen dat die Hitleriaanse kolder in zijn kop met betrekking tot dat Groot Europeesche Rijk kan verklaren.

Vóór Frans Timmermans in 1990 lid van de PvdA werd, was hij lid van een andere partij.

D66.

Ik hoop dat u gelijk heeft, meneer Plasterk.

Dat de hel van een Groot Europeesch Rijk onder leiding van Frans Timmermans ons dankzij de megalomanie van Guy Verhofdstadt bespaard blijft.

Maar ik vrees het ergste.

Ik ben bang dat Duitsland (en Frankrijk) definitief de macht grijpen.

Juist op Bevrijdingsdag was dat een pijnlijke conclusie.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje. Vond ik wel bij u, als voormalig medeplichtige, passen.

Disclaimer: Het dagelijkse ‘Briefje van Jan’ wordt mede mogelijk gemaakt door incidentele donaties via Bunq en vaste donaties via Backme. Waarvoor dank!