Aan Mark Rutte

Beste meneer Rutte,

Vrijdag ging het in het nieuws de hele dag over de aanslag door die – ik citeer, anders ben ik weer een islamofoob – “razendsnel geradicaliseerde Tunesiër” in Nice van donderdagavond. Vooralsnog reed de man 84 mannen, vrouwen, jongens en meisjes de kist in. But still counting. U sprak, zoals eerder rond de aanslagen in Brussel en Parijs en binnenkort bij de volgende, er uw afschuw over uit.

Zaterdag ging het in het nieuws de hele dag over de mislukte coup van een deel van het leger in Turkije. U sloot zich aan bij een verklaring van de EU-regeringsleiders die “fully supports the democratically elected government” schreven. Die verklaring kwam ’s nachts om tien over twee, toen Recep Tayyip Erdogan aan de winnende hand was. Later op de dag beloofde Erdogan, nadat hij een kleine 3000 rechters had ontslagen, herinvoering van de doodstraf te gaan bespreken. Een straf die zijn aanhangers maar meteen ten uitvoer brachten op soldaten, wier keel werd doorgesneden. Dat gebeurde overigens (vooralsnog) alleen in Turkije zelf; in ‘ons’ Rotterdam werden alleen NOS-journalisten belaagd en Turkse vlaggen aan bruggen gehangen tijdens demonstraties door uitzinnige Nederturken.

Ik snap dat u blij bent dat het vrijdag en gisteren over Nice en Turkije ging. Wat u betreft gaan we daar vandaag vooral over door.

Maar zo zijn we niet getrouwd, vader.

Vanmiddag om 15.18 uur is het namelijk exact twee jaar geleden dat 298 mensen (onder wie tachtig kinderen) boven het Oekraïense luchtruim uit het leven werden geschoten door een raket. En dan zijn er dus ook twee jaar verstreken waarin u uw uiterste best heeft gedaan om te zorgen dat de primaire radarbeelden van wat er op 17 juli 2014 precies gebeurde vooral níet boven water kwamen.

Het is de grootste schandvlek uit uw politieke carrière.

En als u er vanmiddag rond 15.18 uur geen vreselijke buikpijn van heeft, bent u echt een walgelijke man.

Groet,

JanD