Aan Halina Reijn

Beste Halina,

Mijn foutste column ooit ging over Trijntje Oosterhuis.

Hij ging zo: “Verdomd slim van Trijntje Oosterhuis om zo’n ghetto-naam als Traincha te nemen als nom de plume voor haar optreden in de halve finale van het Eurovisie Songfestival van 2015. Want nu gaat de aandacht tenminste niet uit naar haar dikke reet, haar schele rotkop, haar zeikerige kutaccent, haar Facebook-blooper met die euro per like, haar gemene smoelwerk én het feit dat ze ons land – namens alle heteromannen zeg ik: GODDANK! – na twee veel te succesvolle jaren met rockbitch Anouk en die aanstellerige boerentrien en die neppert-met-zijn-malle-hoedje op zeker niet naar de finale weet te zingen.”

Inhoudelijk was ie helemaal juist. Ze werd veertiende in de halve finale. Uitgeschakeld.

Maar het was dom van me om het over haar ‘dikke reet’, ‘schele rotkop’, ‘zeikerige kutaccent’ en ‘gemene smoelwerk’ te hebben. Die omschrijvingen haalden namelijk de aandacht weg bij de inhoud van mijn stukkie en ik werd fanatiek afgeserveerd. ‘Hoogtepunt’ was een scheldkannonade van de toen nog populaire diskjockey Ruud de Wild op Radio 538.

Twee dagen later schreef ik onder de kop ‘Mea maxima culpa’: “Opbokken, Quinsy! Belangrijker dingen te doen: Lieve Trijntje! What was I thinking, toen ik je eergisteren op deze plek zo onnodig afpiste? Ik, die zichzelf op Twitter @jnkdgrf noemt. Die een pens heeft. Die een bril draagt. Die een monotone slaappil-stem heeft. Die haargroei heeft op plaatsen waar geen man het wil hebben. Had ik PMS? Liep ik een blauwtje? Echt, ik weet niet wat me bezielde jou te dissen vanwege je uiterlijk. Kan ik het met je goedmaken? Ben je tevreden met mijn “Sorry”? Mag ik je een bloemetje bezorgen? Of wil je zangles? Zeg maar! X, JanD”

Zo doe je dat dus.

En niet zoals jij gisteren. Je noemde in je column in het Algemeen Dagblad mensen die met jou stonden te wachten op een vliegveld achtereenvolgens “mollige vrouw”, “starende zeekoeien” en “amoebe”.

In plaats van ruiterlijk toe te geven dat je daarmee over de schreef ging, meldde je gistermiddag op Twitter “Lieve mensen, niets dan knipogen, lichtheid en ironie bedoel ik de wereld in te slingeren. Jammer als anders is opgevat”. Ofwel: we hebben dat “mollige vrouw”, “dikke zeekoeien” en “amoebes” allemaal verkeerd begrepen.

Vandaag maak je het in de kranten nog bonter. Je zegt “super geschrokken” te zijn. En: “Ik ben hier al de hele dag verdrietig van”. Tuurlijk joh, kruip in de slachtofferrol!

En daarna wrijf je pas echt in de vlek: “Dat mensen nu heel erg vallen over het woord zeekoe vind ik heel verschrikkelijk. Maar waar ik aan dacht waren de starende lome ogen van een zeekoe, zeker niet aan dikke of dunne mensen”. Serieus? Er stond in dezelfde column: “mollige vrouw”. En: “haar even dikke dochter”.

Dus je bent nog een leugenaar ook.

Het Algemeen Dagblad is overigens een slechte ‘werkgever’ voor je. Dat laat namelijk vandaag een andere eigen columnist, de Deventer kruimelcrimineel Özcan Akyol, jou tot de enkels affakkelen. Dat is verre van chic. Je hoort als krant je eigen mensen te beschermen, vind ik.

Het hak- en zaagwerk laat een goede hoofdredacteur over aan mensen van buiten. Maar ja, de jouwe is alleen geïnteresseerd in de clicks op internet.

Groet,

JanD