Aan Ab Osterhaus

Meneer Osterhaus,

Terwijl heel Nederland na ruim een jaar overheidsfalen schrééuwt om een beetje meer lucht in de coronagevangenis, gooit u iedereen het liefst nog wat langer in de isoleercel.

In De Telegraaf stak u gisteren het bekende riedeltje weer af.

De R, die eindelijk weer eens onder de 1,0 is, moet eerst verder onder de 1,0 worden gedrukt… Of warm weer verspreiding van het virus gaat remmen, u moet het nog maar zien… De aantallen covid-patiënten in de ziekenhuizen zijn nog veel te hoog…

Mij persoonlijk maakt het niet zoveel uit, een kwartaaltje langer coronamaatregelen omdat de blunderende Nederlandse kiezers in 2017 (en naar het zich laat aanzien dit jaar weer) de benoeming van een meer ijdele dan capabele Rotterdamse schoolmeester tot minister van Volksgezondheid hebben gefaciliteerd.

Ik ben een man van 58 met een lichte neiging tot het kluizenaarschap. Ik heb op het Friese platteland alle ruimte. Mijn favoriete sporten wandelen en kajakken zijn nog niet verboten. En dankzij donateurs en kopers van mijn werkjes en de winkel van mevrouw Dijkgraaf komen wij ook financieel niet in de problemen.

Maar dat geldt niet voor iedereen.

Ook mensen die géén corona krijgen, raken door alle maatregelen zwaar in de put. Die verloren bijvoorbeeld hun werk, die raakten in financiële problemen, die moesten misschien zelfs hun huis uit en die kwamen geestelijk in de problemen.

Zo iemand was Tjeerd.

Tjeerd zag het afgelopen jaar regelmatig vanuit zijn huis Hugo de Jonge van de Binnenweg komen met een tasje van zijn favoriete schoenenboer. Dat huis heeft hij inmiddels moeten verlaten. En het scheelde weinig of hij had ook ‘ons’ verlaten. Want aanleg voor depressiviteit en coronamaatregelen gaan slecht samen.

Ik hoor en lees van veel mensen dat ze ‘het’ niet meer trekken. Omdat Tjeerd een begenadigd schrijver is, heb ik hem aangemoedigd zijn verhaal in een boek vast te leggen.

Voor zijn lotgenoten, die er herkenning in zullen vinden.

Maar ook voor mensen zoals u en ik, die geen flauw benul hebben wat ‘de overheid’ op basis van adviezen van ‘de deskundigen’ veel mensen aandoet.

Dit is een stukje uit zijn boek:

Ik heb de laatste maanden van iedereen die me lief is afstand genomen. Mijn wereldje beperkt tot Lotte en wat vrienden. Uit een soort zelfbescherming. Omdat het onwijs vermoeiend is om continu te moeten faken dat het goed gaat. Om te moeten doen alsof ik blij ben en geniet van mijn leven. Want dat doe ik niet.

‘Heb je je nooit afgevraagd waarom ik zo destructief ben met drank en drugs? Bewust gevaar opzoek? Of waar mijn humeurige buien, zoals jij ze noemt, vandaan komen?’ heb ik weleens aan een vriend gevraagd.

‘Niet echt nee.’

‘Daarom kan ik zelfs bij jou niet terecht met dit. En dat is geen verwijt, maar gewoon een simpele constatering. Hoe zou je reageren als ik op een avond echt heel diep zou zitten en zou zeggen dat ik mezelf van kant wil maken? En voor je daarop reageert, denk eerst even na. Ga na wat je écht zou doen, of denken op zo’n moment.’

Hij ging achterover zitten, met zijn hoofd tegen de muur. ‘Eerlijk gezegd,’ zei hij, ‘denk ik dat ik je een aansteller had gevonden. Die aandacht wil. Niet op een rottige manier bedoeld, maar eerder als een dreinende puber die zijn zin niet krijgt.’

‘Precies. Dat is waar veel mensen met een depressie tegenaan lopen. Of met suïcidale gedachten. Die krijgen de tip om te gaan wandelen. Rond te kijken hoe mooi alles is. Ze moeten zich eigenlijk niet zo aanstellen. Dat is de tendens. En dat is zo verrekte moeilijk. Het is heel eenzaam. Ondanks dat je heel veel mensen om je heen kan hebben. Daarom wilde ik even geen contact met vrienden. Geen koffiedates. Reageer ik niet op appjes. Heb ik al mijn social media-accounts verwijderd of ben ik er afwezig geweest of was ik er juist heel wild om me heen aan het slaan.

Maar het niet bereikbaar kunnen zijn, het besef dat niemand weet waar je bent, alsof je zonder bereik in de Australische outback rondrijdt, dat geeft zo’n veilig gevoel.

Het is er nog steeds, ik weet ook niet of het ooit weg zal gaan. Voor nu ben ik blij dat ik nog leef. Dat gevoel is sterker dan de doodswens. Maar vraag je me of ik het erg vind als ik nu zou sterven, dood zou zijn, dan is mijn antwoord nee. Het lijkt rustig en bevrijdend.’

Ik moest slikken.

Ik hoop dat iedereen die alleen vanuit zijn eigen professie of ivoren toren naar corona kijkt, zoals u, het boek zal lezen.

En ervan zal leren.

Dat ze eindelijk al die Tjeerds zullen ‘zien’ die in ons land rondlopen…

Dat déze Tjeerd daardoor tegelijkertijd financieel weer boven Jan komt, is dan mooi meegenomen 🙂 Het redt ‘m misschien niet, maar het helpt hem wel.

Weet u hoe dat werkt, kopen via internet?

Klik hier (ja, op het woordje ‘hier‘).

Groet,

JanD

PS. Cadeautje. Maar niet het boek van Tjeerd, dat koopt u maar lekker van de miljoenen die u overhield aan de Mexicaanse griep.

Disclaimer: Het dagelijkse ‘Briefje van Jan’ kun je gratis lezen. Wil je doneren (waarvoor mijn dank!), dan kan dat via Ahmed of via mevrouw Dijkgraaf.