Aan Naema Tahir

 

Mobile & Tablets
Beste Naema,

Heel soms, bijvoorbeeld als ik begin mei al lastig gevallen wil worden door Zwarte Piet-activisten op jacht naar herstelbetalingen, lees ik Trouw.

Soms kom ik dan iets tegen waarvan ik denk: dit verdient een breder publiek dan die krant. Zoals een column van jou.

Vind je het goed als ik ‘m hier doorgeef aan mijn lezers?

Vast wel.

Komt ie.

“Ik liep door een volle treincoupé op zoek naar een zitplaats en voorbij de glazen deuren, in de belendende coupé, zag ik de ideale stoel nog vrij. U kent dat wel. Die ene resterende zitplaats. Vrijstaand. Naast je geen mensen. Tegenover je geen mensen. En achter je een muur die je scheidt van de mensen daar weer achter. De troon in de trein. De eersteklasstoel in de tweede klas. De stoel die ik altijd als ik reis het eerste poog te spotten. En samen met mij vele reizigers.

Die stoel zag ik een stuk verderop. Maar tegelijkertijd zag ik in de verte tegenover mij een andere vrouw aan komen racen, die hem ook had gezien. Ze had een kleine voorsprong op mij. Ze was al in de coupé waar de stoel stond. Maar ze sjouwde een enorme koffer met zich mee en kon – de stakker – geen snelheid maken.

Eerlijk is eerlijk, zij was het eerst ter hoogte van de stoel, maar mijn tas was het eerste dat op het zitvlak belandde. Dat is het onuitgesproken teken dat je recht hebt op een stoel: als jij of iets van jou de stoel het eerste aanraakt. “Sorry,” fluisterde ik, draaide de vrouw de rug toe, deed mijn jas uit en nam plaats. De vrouw bleef even onbeweeglijk staan, blik strak op mij gericht, en droop toen af naar een andere stoel, naast een meneer, stond na twee seconden weer op, duidelijk niet tevreden en sleepte haar koffer naar een plek verderop. In de verte kon ik haar zien en zij mij.

Ik vermeed haar blik. Ik voelde geen enkele triomf. Ik schaamde me juist. Heel diep.

In de trein geldt de regel: wie het eerst komt, die het eerst maalt. Ik mocht doen wat ik had gedaan. Maar ik schaamde me toch. Waarom had ik haar de stoel niet gewoon gegund, spookte het door mijn hoofd. Nu had ze een negatief gevoel over mij.

“Geef nooit iemand de gelegenheid om slecht te denken over je,” is een oude wijsheid van mijn moeder. Mijn vader deed er nog een flink schepje bovenop: “Als je een ander slecht behandelt, dan geef je Pakistan een slechte naam!” Ja-ja.

In zijn collectivistische geest ben ik vertegenwoordiger van mijn oude vaderland en elke handeling, elke actie, straalt af op Pakistan.

Een vriendin van mij denkt in soortgelijke termen. Ze draagt een hoofddoek, ze is dus zichtbaar moslim. Als ze op straat een bedelaar ziet of een collectant, geeft ze altijd geld. Want dat straalt op alle moslims af.

Zowel de vrouw als ik had recht op de stoel. Maar je kunt er niet met zijn tweeën op zitten. Ik heb mijn recht opgeëist, met als gevolg een rotgevoel.

Als mens die een ander mens beter had kunnen behandelen. Maar ook als allochtoon en kleurling.

Want als ik wit was geweest had de vrouw misschien gedacht: “Wat een voordringer.” En meer niet. Maar nu heeft ze misschien ook wel gedacht: “Weer zo’n bruine natuurlijk.”

Natuurlijk, iedereen is gelijk. Maar ik merk toch de lading die zo’n situatie heeft.

Heb ik als allochtoon de plicht om me extra bescheiden op te stellen? Het voelt wel zo.”

Weet je, Naema, ik heb dat ook.

Nou ja, niet dat ik zo nodig op de troon hoef te zitten. En ook niet dat ik wedstrijdjes houd met mensen die minder mobiel zijn dan ik. En evenmin dat ik ze met een trucje met mijn tas dan versla en de ‘hoofdprijs’ incasseer.

Maar wel dat ik me zou schamen als ik me zo gedroeg.

Dat heeft niets te maken met mijn huidskleur. Of mijn newsboy cap.

Maar alles met opvoeding.

Je schaamde je omdat je wist dat je je uitstekende opvoeding verloochende.

Ik snap dat je dan de schuld liever bij iemand anders legt, liefst bij blanken.

Dat slaapt een stuk prettiger. En scoort beter in Trouw.

Groet,

JanD

PS. Koop voortaan gewoon een kaartje voor de eerste klas.

 

Aan Annemarie Jorritsma

 

Beste mevrouw Jorritsma,

U, de VVD-mastotante, zei het echt hè, gisteren bij BNR, over de kwestie rond de graaiende VVD-voorzitter Henry Keizer?

Je mag niet afgaan op een oppervlakkig onderzoek van één journalist”.

Nee, laten we vertrouwen op het zelfreinigend vermogen van de VVD.

De partij die al vijf jaar op rij de meeste integriteitsaffaires op haar naam heeft. De partij die sinds 2008 21 prominente leden met een veroordeling de rechtbank zag verlaten. De partij die Justitie-minister Ard van der Steur al bij zijn eerste tweede derde vierde vijfde zesde zevende achtste de beste blunder naar huis stuurde. De partij waarvan de grote baas wegens geopolitieke belangen spuugt op de nabestaanden van de 298 slachtoffers van de MH17, met z’n onderste steen. De partij waarvan de vorige voorzitter altijd graag bij ‘Tante Truus in Almere’ kwam, want “Je kan er lekker eten en krijgt er gratis een mongool bij”. De partij die…

Ach, ik kan nog minutenlang doorgaan.

De partij van ‘we rule this country’.

De partij die dacht dat Follow The Money en de uitstekende onderzoeksjournalisten Kim van Keken en Eric Smit, die maandenlang gedegen onderzoek deden naar die penozevoorzitter van u (en uw collega-mastodont Loek Hermans), even dacht te kunnen wegzetten als een stelletje onbeduidende prutsers.

Daar is de VVD van een koude kermis teruggekomen.

En weken later blijkt er één VVD’er niks te hebben geleerd.

Als u ’s ochtends in de spiegel kijkt, ziet u welke VVD’er ik bedoel.

Ik weet zeker dat die zich dan nergens voor schaamt.

En dat is precies het probleem.

Groet,

JanD
Gezondheid algemeen

Aan Alexander Pechtold

 

Beste meneer Pechtold,

“De wraak, schoon zoet in het eerst, keert weldra bitter tot zichzelf terug”.

Een prachtige tekst van de Britse dichter John Milton, die in 1674 stierf, op (dat kan geen toeval zijn) 66-jarige leeftijd.

Ik moest er aan denken toen ik D66’ers de laatste dagen hoorde over de adverteerdersstop van de overheid op de websites Geenstijl en Dumpert.

“De overheid adverteert toch ook niet op een site waar de Holocaust wordt verheerlijkt”, zei een voorlichter van uw partij gisteren, ter rechtvaardiging van zo’n stop. Uw Kamerlid Salima Belhaj vond zelfs dat een (tijdelijke) stop niet ver genoeg ging. Zij wilde (overigens samen met Erdogan-agent Tunahan Kuzu) dat de overheid nóóit meer op Geenstijl en Dumpert zou adverteren (en die mediakippetjes van de oproep tot een adverteerdersboycot maar praten over een ‘búrgerinitiatief’…)

Enfin, u moet de schermutselingen van uw soldaten met een klein stijfje hebben aangezien.

Zoete wraak, voor alles dat Geenstijl u heeft aangedaan, met als dieptepunt dat vréselijke referendum dat andermaal bewees dat de droom van het Groot Europeesche Rijk niet de droom van het Nederlandse volk is.

Alleen had John Milton gelijk.

De wraak keert weldra tot zichzelf terug.

Ik kan me er nu al op verheugen!

Groet,

JanD

Aan Jeroen Pauw

 

Beste Jeroen,

Presentator van populair televisieprogramma haalt zonder enige aanleiding een gedroogde stierelul vanonder zijn desk. Hij zwaait er een beetje mee in de lucht en vraagt aan een vrouwelijke gast: “Heb jij er weleens op gekauwd?”

Geenstijl wordt voor minder door NRC Handelsblad, de Volkskrant, de Publieke Omroep, ministers van VVD en PvdA en Tweede Kamerleden van GroenLinks afgebrand.

Maar de man met de stierelul was jij (van de VARA) en de vrouw aan wie je die vraag stelde Patricia Chagnon (van het Front National).

Dan liggen de zaken opeens heel anders.

Overigens was het item over de Franse presidentsverkiezingen waarvoor mevrouw Chagnon was uitgenodigd in je uitzending van gisteravond de moeite waard, zeker voor de Nederlandse sistergroep die de vernedering van vrouwen in afwachting van een nieuwe lading vluchtelingen tot speerpunt heeft gekozen. Zelden een oud-Journaalmeneer (Philip Freriks), een politicus (Alexander Pechtold) en een talkshowhost (jij) een vrouwelijke gast zo schandalig zien behandelen. Verbaal én non-verbaal.

Ik zag drie hele kleine pikkies. En een vrouw met ballen.

Groet,

JanD

Moederdag

Aan het Feyenoord-tuig

 

Moederdag

Feyenoord-tuig,

Ja, ik heb het tegen jullie.

Tegen de paar honderd ‘supporters’ van Feyenoord die na de afgang tegen Excelsior in de binnenstad zorgden voor opstootjes. Die niet luisterden naar bevelen van de politie en die met vuurwerk, straatstenen, terrasstoelen, flessen en bierblikjes naar de ME gooiden.

Blijf nou eens met je gore tyfuspoten van de drank en de drugs af. En als het daar niet aan lag dat je een (gelukkig mislukte) poging deed een huldiging van Feyenoord op de Coolsingel volgende week te voorkomen en het gewoon door een gebrek aan goed functionerende hersencellen kwam, ga dan deze week nog naar de dokter en vraag rustgevende pilletjes. Je hoeft niet meteen een overdosis te nemen, maar slik er zondag (en maandag) wel genoeg. Ik vraag dit voor honderdduizenden vrienden.

Eén actie vond ik trouwens nog veel treuriger dan dat apengedrag van jullie in de binnenstad.

Op Twitter verscheen een foto van een stuk stof dat met plakband op een raam van een kroeg in Rotterdam was geplakt. Deze:

(mirror)

Degene die dat heeft bedacht, verdient wat mij betreft de kogel levenslange opsluiting in een psychiatrische inrichting.

Wat een stuk lowlife ben je dan, zeg.

Groet,

JanD

PS. Weet je wat ik stiekem hoop? Dat dit een door Ajax-fans geënsceneerde foto is… Dan staan ze daar met hun Vermeer-pop nog altijd met 1-0 voor, qua gaatje in hun hoofd.

UPDATE Naam en adres van de betreffende kroeg zijn inmiddels bij mij bekend – en geverifieerd. Excuses aan Ajax-fans voor mijn PS; dit was 100 procent een actie van zich Feyenoord-supporter noemende imbecielen.